Naar de inhoud
Hublex
← Alle gidsen

Conclusies opstellen volgens de artikelen 743 en 744 Ger.W.

De verplichte vermeldingen, de opbouw van art. 744, syntheseconclusies, de inventaris en de neerlegging, met wat een formele controle wel en niet kan zien.

Bijgewerkt op 5 oktober 2026

Controle van conclusies

De regel in het kort

  • Vermeldingen (art. 743 Ger.W.). Naam, voornaam en woonplaats of gerechtelijk elektronisch adres van de partijen, en het rolnummer. Een handtekening als de conclusies niet elektronisch worden neergelegd.
  • Opbouw (art. 744, lid 1). Achtereenvolgens en uitdrukkelijk: de feiten, de vorderingen, de middelen (genummerd, in hoofdorde of in ondergeschikte orde) en het beschikkend gedeelte.
  • Sanctie. Geen nietigheid, maar de rechter hoeft niet te antwoorden op middelen die niet zo zijn uiteengezet (art. 780, lid 1, 3°).
  • Syntheseconclusies (art. 748bis). De laatste conclusies vervangen alle eerdere.
  • Inventaris (art. 742). De conclusies worden neergelegd samen met een inventaris van de meegedeelde stukken.
  • Taal. Conclusies zijn proceshandelingen en volgen de taal van de rechtspleging.

De Controle van conclusies leest uw tekst na op deze punten, in uw browser.

De verplichte vermeldingen (art. 743)

Conclusies vermelden de naam, de voornaam en de woonplaats of het gerechtelijk elektronisch adres van de partijen, en het rolnummer van de zaak (lid 1). Een rechtspersoon wordt aangeduid zoals art. 703 bepaalt: naam, rechtsvorm en zetel (lid 2). Het ondernemingsnummer vermelden is een goede praktijk. De wet vereist geen datum.

Conclusies die niet via het informaticasysteem van art. 32ter worden neergelegd, worden ondertekend door de partij of haar advocaat (lid 3, sinds de wet van 25 mei 2018). Het koninklijk besluit van 16 juni 2016 wijst e-Deposit aan; of DPA-Deposit als systeem van art. 32ter is aangewezen, werd niet bevestigd. De tool behandelt beide als elektronische neerlegging. Een ontbrekende handtekening kan worden geregulariseerd (art. 863; Cass. 14 november 2017): de rechter kan niet-ondertekende conclusies op papier buiten beschouwing laten, tenzij de partij ze uiterlijk op de zitting overneemt.

De opbouw van art. 744

Sinds 1 november 2015 (wet van 19 oktober 2015) bevatten conclusies achtereenvolgens en uitdrukkelijk:

  1. de relevante feiten;
  2. de vorderingen van de partij;
  3. de middelen, genummerd als er meerdere zijn, en aangeduid in hoofdorde of in ondergeschikte orde;
  4. het gevorderde beschikkend gedeelte, in voorkomend geval met de onderdelen in hoofdorde en in ondergeschikte orde.

Conclusies uit een andere zaak of een andere aanleg waarnaar wordt verwezen, gelden niet als conclusies voor art. 780 (art. 744, lid 2). Een verwijzing naar de conclusies van eerste aanleg verplicht de rechter in hoger beroep dus niet om op die middelen te antwoorden.

De wet schrijft geen lengte, paginering of opmaak voor. Modellen van rechtbanken volgen de opbouw I. Feiten, II. Vordering, III. Middelen (genummerd), IV. Besluit, met een handtekening en een genummerde inventaris.

Wat er gebeurt als de opbouw niet klopt

Op de art. 743 en 744 staat geen nietigheid (art. 860, lid 1). De sanctie zit in art. 780, lid 1, 3°: het vonnis beantwoordt de middelen die volgens art. 744, lid 1 zijn uiteengezet. Volgens het Grondwettelijk Hof (arrest 62/2018) blijven conclusies die de opbouw niet volgen geldig en maken ze deel uit van de debatten, maar is de rechter ervan ontslagen te antwoorden op middelen die niet zo zijn uiteengezet. Dat is een mogelijkheid, geen plicht. Wie zijn middelen niet nummert of niet aangeeft wat in ondergeschikte orde wordt gevraagd, neemt dus het risico dat ze onbeantwoord blijven.

Syntheseconclusies (art. 748bis)

Behalve wanneer conclusies buiten de termijnen van art. 747 mogen worden neergelegd, zijn de laatste conclusies van een partij syntheseconclusies. Voor art. 780 vervangen ze al haar eerdere conclusies en de gedinginleidende akte.

  • De regel is van openbare orde (Cass. 24 januari 2013).
  • Een vordering die niet wordt hernomen, wordt geacht te zijn opgegeven (Cass. 8 maart 2013). Een formule als "voor het overige verwijst zij naar haar eerdere conclusies" brengt niets terug.
  • De titel "syntheseconclusies" is een gebruik; de wet vereist hem niet. Wat telt, is dat de tekst op zichzelf staat.
  • De plicht geldt binnen een bindende kalender van art. 747. Bij een heropening van de debatten mogen de partijen syntheseconclusies neerleggen, maar de rechter kan het niet opleggen.

De termijnen van de kalender staan in de gids over de conclusietermijnen.

Inventaris en stukken

De conclusies worden ter griffie neergelegd samen met een inventaris van de meegedeelde stukken (art. 742). Stukken worden meegedeeld vóór ze worden gebruikt (art. 736), met een inventaris bij elke mededeling via de griffie (art. 737). Stukken die niet uiterlijk samen met de conclusies worden meegedeeld, worden ambtshalve uit de debatten geweerd (art. 740). Een ontbrekende inventaris heeft enkel een gevolg voor het bewijs: de inventaris doet vermoeden dat de vermelde stukken werden meegedeeld.

De taal van de conclusies

Conclusies en de inventaris zijn proceshandelingen: ze worden opgesteld in de taal van de rechtspleging. Een akte in een andere taal is nietig, en de rechter werpt dat ambtshalve op (wet van 15 juni 1935, art. 40). Citaten in een andere taal zijn aanvaardbaar als ze worden vertaald of samengevat, en gangbare vreemde termen ook (Grondwettelijk Hof, arrest 146/2023). Stukken zijn geen proceshandelingen: de rechter beveelt hun vertaling enkel op verzoek (art. 8). Zie de gids over het taalgebruik in gerechtszaken.

Neerlegging en mededeling

  • Conclusies worden ter griffie of ter zitting neergelegd, per post verzonden of via het informaticasysteem ingediend (art. 742). Bij verzending telt de dag van ontvangst door de griffie.
  • Ze worden aan de andere partij of haar advocaat bezorgd bij de neerlegging (art. 745).
  • Via e-Deposit kunt u neerleggen tot middernacht op de laatste dag (art. 52).
  • Conclusies die buiten de termijnen van de kalender worden neergelegd, worden geweerd, behoudens uitzonderingen (art. 747, § 4). De Conclusiekalender helpt die termijnen te plannen.

Wat de controle zoekt en wat ze niet kan beoordelen

De tool zoekt naar woorden en titels en deelt elk punt in als "In orde", "Na te kijken", "Niet gevonden" of "Herinnering": de identiteit van de partijen en het rolnummer, de handtekening bij neerlegging op papier, de vier onderdelen van art. 744 en hun volgorde, de nummering van de middelen, het gebruik van "in hoofdorde" en "in ondergeschikte orde", de concrete verzoeken in het beschikkend gedeelte, verwijzingen naar andere conclusies, de inventaris en de aangehaalde stukken, en de taal.

Hij beoordeelt de grond van de zaak niet, leest geen gescande PDF's, vergelijkt geen twee versies van uw conclusies en controleert de termijnen niet. Een goed opgesteld onderdeel met een ongewone titel kan hij missen. Het resultaat is een hulp bij het nalezen, geen oordeel.

Voorbeelden

Een controle. Syntheseconclusies voor een eiser die de terugbetaling van € 8.500 vordert, met in hoofdorde de veroordeling tot € 8.500 en in ondergeschikte orde tot € 4.250, neergelegd via e-Deposit. De tool geeft:

PuntResultaatReden
RolnummerNiet gevondenGeen A.R., R.G. of rolnummer in de tekst (art. 743, lid 1)
Genummerde middelenNa te kijkenSlechts één genummerd middel (art. 744 en 780)
Verwijzingen naar andere conclusiesNa te kijken"Voor het overige verwijst de eiser naar zijn eerdere conclusies" (art. 744, lid 2; 748bis)
SyntheseconclusiesNa te kijkenDe laatste conclusies verwijzen naar eerdere (art. 748bis)
Aangehaalde stukkenNa te kijkenStuk 4 staat niet in de inventaris (art. 742)
Feiten, vorderingen, middelen, beschikkend gedeelteIn ordeIn die volgorde gevonden (art. 744, lid 1)

Een vordering die verdwijnt. In zijn eerste conclusies vorderde de eiser € 8.500 en € 1.500 schadevergoeding. Zijn syntheseconclusies hernemen enkel de € 8.500. De € 1.500 wordt geacht te zijn opgegeven (Cass. 8 maart 2013), ook als de tekst "voor het overige" naar de eerdere conclusies verwijst.

Een neerlegging per post. De laatste dag van de kalender is vrijdag 13 november 2026. Conclusies die op donderdag 12 november worden verzonden en op maandag 16 november ter griffie aankomen, zijn neergelegd op 16 november (art. 742): te laat, en behoudens uitzondering ambtshalve geweerd (art. 747, § 4). Via e-Deposit kon u tot vrijdag 13 november om 23.59 uur neerleggen.

Lees uw eigen tekst na met de Controle van conclusies.

Vaak gemaakte fouten

  • Het rolnummer of de woonplaats van de partijen vergeten.
  • Meerdere middelen in één doorlopende tekst, zonder nummering of zonder hoofdorde en ondergeschikte orde.
  • In syntheseconclusies naar eerdere conclusies of naar die van eerste aanleg verwijzen.
  • Een stuk aanhalen dat niet in de inventaris staat of niet werd meegedeeld.
  • Op papier neerleggen zonder handtekening.

De tool is een hulpmiddel bij het nalezen: de advocaat blijft verantwoordelijk voor de conclusies en voor de controle van de toepasselijke regel.

Bronnen

  • Gerechtelijk Wetboek, art. 703, 736, 737, 740, 742 tot 745, 747, 748bis, 780, 860 en 863: tekst op Justel, gecontroleerd op 4 oktober 2026.
  • Wet van 19 oktober 2015 (art. 744, 748bis en 780): aangenomen tekst, Kamer DOC 54 1219/010, gecontroleerd op 4 oktober 2026.
  • Wet van 25 mei 2018 (art. 743, lid 3); oude en nieuwe tekst van art. 743 in het wetsontwerp, Kamer DOC 54 2827/001, gecontroleerd op 4 oktober 2026.
  • Rechtbank van eerste aanleg Leuven, Relevante bepalingen over stukken en conclusies (2/2024), gecontroleerd op 4 oktober 2026.
  • Grondwettelijk Hof, arresten 62/2018 (art. 744 en 780) en 146/2023 (taal van proceshandelingen); Hof van Cassatie, 24 januari 2013, 8 maart 2013 en 14 november 2017, gecontroleerd op 4 oktober 2026.
  • Wet van 15 juni 1935 op het gebruik der talen in gerechtszaken, art. 8 en 40, gecontroleerd op 4 oktober 2026.

Hulpmiddel. De advocaat blijft verantwoordelijk voor de berekening en voor de controle van de toepasselijke regel.